A2 · Verbs
Laten, zien and horen
Verbs with an infinitive: laten, zien, horen, helpen.
- Ik ___ je even wachten. (laten)
- Zij ___ de film al gezien. (zien)
- We ___ dat de leraar ziek was. (horen)
- Hij ___ mij het adres sturen. (sturen)
- Ik ___ je iets vertellen. (vertellen)
- De leraar ___ ons helpen. (helpen)
- We ___ de hele avond naar muziek geluisterd. (luisteren)
- De oma ___ de kinderen met rust laten. (laten)
- Heb je dat ___? (zien)
- Hij ___ me al gewaarschuwd. (waarschuwen)
- We ___ de buurman zijn hond helpen. (helpen)
- Zij ___ niet mee naar het zwembad willen. (willen)