Learn Dutch
B1 · Prepositions

Op: abstracte betekenis

Op with abstract nouns: trots, hoop, druk, effect.

  1. De hele buurt is trots ___ het nieuwe speelplein.
  2. Er is weinig hoop ___ een snelle oplossing van het probleem.
  3. De nieuwe regels leggen meer druk ___ kleine bedrijven.
  4. Het heeft grote invloed ___ de manier waarop de leerlingen leren.
  5. De regen had een groot effect ___ de oogst van het boerengebouw.
  6. We zijn het er ___ op hoe we dit gaan aanpakken.
  7. De training wordt gehouden ___ basis van vrijwilligheid, niet vanuit de gemeente.
  8. Zij wist van tevoren niet wat er ___ dat moment zou gebeuren.
  9. Het is belangrijk ___ de juiste bronnen te gebruiken.
  10. De redactie reageerde snel ___ de beschuldigingen in het artikel.
  11. Wij laten ons leiden ___ het advies van de ombudsman.
  12. Hij vertrouwt ___ de ondersteuning van zijn vrouw, en dat werkt.