B1 · Verbs
Verbs that take te + infinitive
Proberen, beginnen, leren, vergeten: welke werkwoorden vragen om te?
- Ik probeer elke avond tien minuten Nederlands te ___. (oefenen)
- Vergeet niet de afspraak te ___. (verzetten)
- Zij besloot een andere baan te ___. (zoeken)
- We moeten de oude boeken ___. (inleveren)
- Hij heeft vandaag al drie keer gebeld om te ___. (zeggen)
- Het is belangrijk om het probleem snel te ___. (oplossen)
- Mijn zus leerde al op haar vijfdeende ___. (fietsen)
- Hij is begonnen met het verslag te ___. (schrijven)
- Omdat het regende, besloot hij thuis te ___. (blijven)
- Ze oefent elke dag voor de toespraak te ___. (houden)
- Ik wil je erop ___ dat de datum is veranderd. (wijzen)
- Ze plegen op vrijdagavond uit te ___. (gaan)