B1 · Verbs
Hoeven: hoeft niet te / hoeft geen … te
Two ways of saying that something is not necessary.
- U hoeft niet te ___, ik regel het wel. (bellen)
- Je hoeft geen formulier in te ___. (vullen)
- Ik hoef vandaag niets te ___, want ik heb vrije dag. (doen)
- We hoeven geen tweede kaartje te ___. (kopen)
- Je hoeft je geen zorgen te ___, het komt goed. (maken)
- Hoeft u nog iets te ___, meneer? (vragen)
- Ik hoef geen toestemming te ___, ik ben eigenaar. (vragen)
- We hoefden die ochtend niet zo vroeg te ___. (opstaan)
- Hoeft er nog iets te worden ___, of zijn we klaar? (afgehandelen)
- Je hoeft niet bang te ___ om te vragen. (zijn)
- We hoeven geen toestemming te ___ voor dit evenement. (vragen)
- Ik hoefde daar niets te ___, want alles stond klaar. (regelen)