B2 · Adjectives & articles
Adjectives of evaluation
uitstekend, waardevol, twijfelachtig, onacceptabel.
- De redactie noemde het rapport ___ en overtuigend. (uitstekend)
- Zij leverde een ___ bijdrage aan het onderzoek. (waardevol)
- De bewering van de getuige was ___ en niet te verifiëren. (twijfelachtig)
- De redactie vond de redenering ___ voor de doelgroep. (onacceptabel)
- Het voorstel is ___ en verdient steun. (verdienst)
- De beoordeling van de jury was ___ en streng. (objectief)
- Dat is een ___ argument om de maatregel af te wijzen. (zwak)
- Het beleid is ___ in zijn opzet en haalbaar. (consistent)
- De leerling gaf een ___ antwoord op de open vraag. (verward)
- Onze benadering bleek ___ dan die van de concurrentie. (overtuigend)
- De film was ___ maar zeker niet de moeite waard. (matig)
- Het is een ___ voorstel, maar het uitvoeren is lastig. (goed)