B2 · Adjectives & articles
Adjectives in -achtig
eendrachtig, zwartachtig, grijsachtig, sterkachtig, langdurig.
- De rotswand oogt ___ in het avondlicht. (grijsachtig)
- De stemming aan tafel was ___ . (eendrachtig)
- Er lag een ___ steen naast het pad. (zwartachtig)
- De wijk heeft een ___ karakter: veel groen en oude bomen. (parkachtig)
- De beweging was ___ en er was geen enkele tegenstemming. (eendrachtig)
- De lucht boven de stad had een ___ waas. (grijsachtig)
- Zij heeft een ___ voorkomen voor zwart haar. (zwartachtig)
- De lat ligt ___ bij het gebouw van de concurrentie. (hoog)
- Dat is een ___ resultaat voor zo'n korte voorbereidingstijd. (verrassend)
- Het muurwerk oogt ___ in de avondzon. (roodachtig)
- De bewoners spraken in een ___ toon over de toekomst. (hoopvol)
- De sfeer in het dorp is ___ en dorps. (rustig)