B2 · Prepositions
Verzekeren en schadeclaims
Policies, coverage, claims and excess.
- Het pand is verzekerd ___ een som van vierhonderdduizend euro. (verzekeren)
- De bewoners zijn verzekerd ___ brand en wateroverlast. (verzekeren)
- De schade is na een uitgebreide beoordeling door de verzekeraar ___ de huurder uitbetaald. (uitbetalen)
- De claim is ___ de verzekeraar ingediend via de makelaar. (indienen)
- De verzekering dekt geen schade die is ontstaan ___ eigen onderhoud. (dekken)
- Bij schade moet de verzekerde de schade eerst melden ___ de verzekeraar. (melden)
- Het eigen risico van de huurder is bij deze verzekering ___ duizend euro. (zijn)
- De verzekeraar heeft de aanvraag afgewezen wegens onvoldoende dekking ___ het schaderisico. (afwijzen)
- Het pand is verzekerd ___ brand en storm. (verzekeren)
- De expertise is uitgevoerd ___ een onafhankelijke schade-expert. (uitvoeren)
- De uitkering valt hoger uit dan de gedane uitgaven ___ de reparatie. (uitgaven)
- De premie wordt jaarlijks vastgesteld op basis van het risico ___ het pand. (vaststellen)