B2 · Prepositions
Cause, concession and purpose
door, ondanks, ondanks dat, ten behoeve van, om… te…
- De vergadering is uitgesteld ___ het slechte weer.
- ___ de regen kwamen toch ruim tweehonderd mensen naar de startlijn.
- De klant bleef ___ de hoge prijs toch abonneesnemer.
- De grond is gereserveerd ___ de bouw van een nieuw ziekenhuis.
- Er wordt een nieuwe fietsroute aangelegd ___ de fietsers veiliger te maken.
- De uitkomsten worden bekendgemaakt ___ de pers geïnformeerd kan worden.
- De bezuinigingen zijn ingepland ___ de klimaatdoelstellingen gehaald worden.
- ___ de corona is het centrum deze zomer leeg geweest.
- De excursie ging door, ___ het slechte weer.
- Er is een nieuw beleid ___ de huurprijzen in te dammen.
- De vergadering is verplaatst ___ de vakantie.
- Hij bleef thuis ___ zijn griep.