B2 · Prepositions
Verbs + preposition
Fixed combinations: afhangen van, bezwaar maken tegen…
- Ik ben het helemaal niet ___ je eens.
- Veel bewoners hebben bezwaar gemaakt ___ het plan.
- Hij heeft ___ de functie van projectleider gesolliciteerd.
- We moeten rekening houden ___ de gevolgen.
- Het succes hangt af ___ het weer.
- De commissie bestaat ___ zeven leden.
- Ik verheug me ___ de vakantie.
- Hij is vorig jaar ___ zijn studie gestopt.
- Zij heeft ___ het onderzoek deelgenomen.
- Wij verwijzen ___ onze brief van 3 maart.
- De gemeente heeft besloten ___ het plan af te zien.
- Hij klaagt altijd ___ de werkdruk.