B2 · Verbs
Verbs of opinion, formally
Van mening zijn, oordelen, overtuigd: formal views.
- De fractie is van mening dat de bezuinigingen te ___ zijn. (groot)
- De commissie oordeelde dat de maatregel niet ___. (uitvoerbaar)
- Hij was sterk overtuigd dat de bewoners het plan zouden ___. (steunen)
- Mijns inziens is de huidige aanpak niet ___. (voldoende)
- De burgemeester verklaarde dat het beleid iedereen ten goede ___. (gedaan)
- Ik ben ervan overtuigd dat er betere ___. (mogelijk)
- De ombudsman oordeelde dat de klacht ___ behandeld. (moet)
- Naar mijn mening had de regering het probleem te vroeg ___. (onderschatten)
- Het panel is van oordeel dat de aanpak ___ en werkt. (duurzaam)
- Ik kan me voorstellen dat de bewoners bezorgd ___. (zijn)
- De directeur gaf te kennen dat hij het beleid niet ___. (ondersteunen)
- Er is goede grond om aan te nemen dat het probleem ___ wordt. (verholpen)