Learn Dutch
B2 · Verbs

Strong verbs in a literary register

Hangen, vangen, zingen: strong verbs in a literary tone.

  1. De oude klok ___ al jaren boven de schouwburg. (hangen)
  2. De brandweer ___ de kat vriendelijk uit de boom. (vangen)
  3. In het koor ___ men oude liederen tot diep in de nacht. (zingen)
  4. De reiziger had in zijn leven al heel wat ___. (zien)
  5. De nacht ___ over de stille straten van de stad. (vallen)
  6. Het licht in de oude toren ___ nog toen de ochtend kwam. (branden)
  7. Toen de meerderheid voor stemde, ___ de zaal uit in applaus. (barsten)
  8. De storm had de kabels over de haven ___. (breken)
  9. De oude brug werd in 1972 afgebroken en een nieuwe ___ gebouwd. (bouwen)
  10. De oude klok ___ nog steeds boven de schouwburg. (hangen)
  11. Het dorp werd tijdens de oorlog meermalen ___. (verwoesten)
  12. Hij omhelsde zijn dochter en ___ in tranen. (huilen)