Learn Dutch
B2 · Verbs

Separable prefix verbs in formal writing

Uitvoeren, aannemen, opstellen: the prefix comes last.

  1. Het college voert de nieuwe regels per 1 juli ___. (uitvoeren)
  2. De aannemer heeft de werkwijze al ___ op de bouwplaats. (aannemen)
  3. Nadat het college de plannen heeft ___, is de procedure gestart. (opstellen)
  4. De raad stelt de tarieven volgend jaar ___. (herzien)
  5. De bewoners hebben het voorstel in de vergadering ___. (bespreken)
  6. Zodra de vergunning is ___, mag de aannemer beginnen. (verlenen)
  7. De leverancier zal de bestelling vóór maandag ___. (bevestigen)
  8. De commissie heeft alle klachten zorgvuldig ___. (onderzoeken)
  9. Het college stelt een nieuw onderzoek ___ naar de oorzaak. (instellen)
  10. De kosten van het onderzoek ___ ruim twintigduizend euro. (bedragen)
  11. De raad heeft de klacht over de vertraging in behandeling ___. (nemen)
  12. De bewoners moeten de komende periode nog heel wat ___. (verduren)