B2 · Verbs
Verbs with a dat-clause
Erkennen, melden, verifiëren: verbs that take a dat-clause.
- De directeur erkende dat de berekening niet ___. (kloppen)
- De inspectie ___ dat er een fout in de constructie zat. (melden)
- De bank ___ dat de betaling was ontvangen. (bevestigen)
- De onderzoeker ___ dat de cijfers overeenkwamen met de bron. (verifiëren)
- De aanklager ___ dat de verdachte de rekening had geopend. (stellen)
- Wij verzoeken u ___ dat de ontvangst is geregistreerd. (bevestigen)
- De getuige ___ dat zij de overdracht persoonlijk had gezien. (verklaren)
- De raad ___ vast dat de procedure correct was gevolgd. (vaststellen)
- De ouders moeten ___ waarom de leerling absent was. (verklaren)
- De bewoners vroegen of de gemeente de belastingverhoging had ___. (aangekondigd)
- Het college ___ aan de bewoners dat er niets zou veranderen. (bevestigen)
- De klager ___ dat de aannemer de termijn had overschreden. (stellen)