C1 · Prepositions
Verbs + preposition
Advanced verbs with a fixed preposition.
- De minister beriep zich ___ het advies van de Raad van State.
- De oppositie drong aan ___ een onafhankelijk onderzoek.
- Deze verplichting vloeit voort ___ de nieuwe wet.
- Het besluit berust ___ verouderde gegevens.
- Uiteindelijk heeft zij zich ___ de uitslag neergelegd.
- De campagne speelt slim ___ de angst van kiezers in.
- Wij komen graag ___ uw wensen tegemoet.
- Zijn reactie getuigt ___ weinig respect.
- Na lang beraad heeft hij ___ verdere stappen afgezien.
- Hoe verhoudt dit standpunt zich ___ uw eerdere uitspraken?
- Zij heeft zich jarenlang ___ de vertaling van Russische poëzie toegelegd.
- Hij kon zich niet ___ de indruk onttrekken dat men hem wantrouwde.