Learn Dutch
C1 · Prepositions

Idioms with prepositions

Figurative expressions common in the news and in debate.

  1. De hele regeling staat ___ de helling.
  2. Zijn opmerking viel volledig ___ de toon.
  3. Hij heeft dat ___ eigen houtje besloten.
  4. Het nieuws kwam ___ een donderslag bij heldere hemel.
  5. ___ den duur raak je overal aan gewend.
  6. Het werd een race ___ de klok.
  7. De verkiezingen staan ___ de deur.
  8. Die kritiek is koren ___ de molen van de oppositie.
  9. Hij bleef ___ de hete brij heen draaien.
  10. Na het vertrek van de directeur nam zij het heft ___ handen.
  11. Het besluit is opnieuw ___ de lange baan geschoven.
  12. Hem dat uitleggen is water ___ de zee dragen.