De zorgverzekeraar paste vorig jaar zijn premie aan: de gemiddelde premie steeg met ruim dertig euro per maand. Volgens de brief die de verzekeraar aan de verzekerden stuurde, komt dat niet door de zorg zelf, maar door de manier waarop de rekeningen worden betaald. Wie langdurig opgenomen is, kost meer dan wie snel geneest, en het aantal langdurige opnames groeit.
Het probleem zit volgens de zorgverzekeraar in de bekostiging. Artsen en instellingen declareerden per bezoek en per behandeling; hoe meer iemand binnenkomt, hoe meer er gedeclareerd kan worden. Een patiënt die in een jaar vijf keer op de spoedeisende hulp komt, levert daardoor meer declaraties op dan een patiënt die één keer komt en daarna herstelt.
De verzekeraar wil bekostiging op basis van het zorgpad: één bedrag voor het volledige behandelproces, uitgesplitst naar aard en complexiteit. Daarmee zou het voordeel van meer contacten verdwijnen. Tegelijkertijd erkent de zorgverzekeraar dat deze manier van afrekenen een risico inhoudt: wie eenmaal een vast bedrag heeft, heeft minder prikkels om zuinig te zijn.
De veranderingen zullen volgens de zorgverzekeraar pas in 2027 gaan werken. In de tussentijd zullen depremies niet dalen. Wie de komende jaren minder zorg gebruikt, betaalt volgens de brief dus niet automatisch minder premie. Dat zegt de verzekeraar zelf ook: het zorgstelsel is zo ingericht dat de kosten onderling worden verdeeld, en niet op de plek waar ze ontstaan.