De boodschappen van een gemiddeld huishouden zijn in twee jaar ongeveer een kwart duurder geworden. Dat komt volgens de Consumentenbond niet door één oorzaak, maar door een opeenvolging van gebeurtenissen die elkaar versterkten. De belangrijkste daarvan was de stijging van de energieprijzen in 2022, die doorwerkte in transport, kassen en kweekgrondstoffen.
De opvallendste verandering betreft niet het volume, maar de samenstelling van de boodschappen. Huishoudens kopen minder verse groente en minder vlees, en dat wordt gecompenseerd door meer bewerkte producten met een langere houdbaarheid. Waren die bewerkte producten in 2021 nog duurder dan verse, nu is het verschil grotendeels verdwenen. Wie op de prijs let, kiest daardoor een ander menu dan twee jaar geleden.
Het prijsverschil tussen de goedkoopste en de duurste supermarkten in het onderzoek bedraagt nog steeds ruim twintig procent, al is dat verschil kleiner geworden. De Consumentenbond wijst erop dat het aanbiedingsbeleid in de duurdere supermarkten sterk is veranderd: de duurdere huizen bieden opnieuw vooral veel kleine artikelen aan, waardoor de indruk ontstaat dat ze overal goedkoper zijn.
De bond adviseert consumenten vooral te letten op de winkelkeuze en op het seizoen. Verse producten zijn in het seizoen het goedkoopst, en eigenlijk is dat de enige tip die volgens de onderzoekers over de hele linie werkt. Wie zijn inkopen bewust plant, volgt de aanbiedingen niet langer maar het seizoenspatroon, en dat levert volgens hen meer op dan het zoeken naar kortingen.