De geluidskaart van de agglomeratie Den Haag laat zien wat de bewonkers al lang weten: de spoorlijn, de ring en de snelweg doorsnijden het gebied waar de meeste mensen wonen. Meer dan honderdduizend huishoudens hebben last van spoorweggeluid, en in de straten direct langs de lijn ligt het gemiddelde nachtelijk geluidsniveau ruim boven de norm.
In de afgelopen jaren is de aanpak veranderd. Waar eerst vooral spraken van geluidsschermen en van straks stillere treinen was, gaat het nu vooral over het ritme. Een trein die minder hard rijdt over een lage, gladde baan maakt minder geluid dan dezelfde trein op een oude, raamige constructie, en dat verschil weegt zwaarder dan de positie van een scherm.
De technisch specialist die het rapport schreef, zegt dat de grootste winst niet in de infrastructuur zit, maar in het materiaal van de wagens en de onderhoudsplanning van het spoor. Een wiel dat op het juiste moment wordt vervangen, voorkomt een rammelend geluid dat jarenlang aanhoudt. De beheerders, zegt hij, optimaliseren de planning nu op de klank van de baan in plaats van alleen op de staat van het spoor.
Er zit een politieke keuze in de bevindingen. De maatregelen die het meeste effect hebben, zijn niet de zichtbare. Een haag langs de lijn kost geld en staat in de weg; een stillere overgang tussen spoor en snelweg kost dat niet. Volgens de specialist is dat de reden dat er weinig gebeurt, en hij voegt toe dat een maatregel die niemand ziet, ook niemand waardevol lijkt.