C1 · Verbs
Perfect with zijn or hebben
Choosing the auxiliary of the perfect in formal Dutch.
- De samenstelling van het college is sinds 2024 ___. (veranderen)
- De woonlast is in de afgelopen jaren flink ___. (stijgen)
- De rekenkamer heeft de uitgaven aan de zorginstellingen ___. (onderzoeken)
- De bewoners hebben tegen het plan van de aannemer ___. (protesteren)
- De directie heeft de tarieven in het afgelopen jaar ___. (verhogen)
- Het verenigingslogo is vorig jaar ___. (veranderen)
- De klachtencommissie heeft de dossiers van de afdeling ___. (doorschouwen)
- De bewoners van de wijk zijn in groten getale ___. (vertrekken)
- De commissie heeft de conclusies van het eerste rapport ___. (herzien)
- De stand van zaken is sinds de hoorzitting ___. (verbeteren)
- Het college heeft de bewoners van het gebied ___. (informeren)
- De voorzitter van de commissie is tijdens de hoorzitting ___. (vertrekken)