C1 · Verbs
Accusing and congratulating
beschuldigen, aanklagen, verwijten, feliciteren, gelukwensen.
- De aanklager beschuldigde het bestuur van het ___ van de wettelijke termijnen. (beschuldigen van)
- De stichting verweet de ontwikkelaar het ___ van de bezwaren. (verwijten aan)
- De rekenkamer heeft de directeur ___ wegens het niet naleven van de meldingsplicht. (aanklagen wegens)
- De raad ___ de onderzoekers met de publicatie van hun studie. (feliciteren met)
- Het bestuur heeft de winnaar van de aanbesteding ___ met de prijs. (gelukwensen met)
- De minister heeft de gemeenten ervan ___ dat de bezuiniging onnodig pijnlijk is. (kennisgeven)
- De klager heeft de instelling ervan ___ de gegevens onzorgvuldig te hebben bewaard. (beschuldigen)
- De voorzitter heeft de vrijgegeven groep ___ met het bereikte resultaat. (feliciteren met)
- De toezichthouder heeft de instelling erop ___ de beveiliging te verbeteren. (aanspreken)
- De vertegenwoordigers van de buurt hebben de wethouder ___ van de gebrekkige communicatie. (verwijten)
- De ouders hebben de school bedankt en de leerkracht ___ met de verjaardag. (gelukwensen met)
- Het college heeft de bewoners ___ met de snelle verlening van de vergunning. (gelukwensen met)