C1 · Verbs
Needing and requiring
noden, vereisen, gebrek hebben, aanspraak maken op.
- De aanvraag ___ een medische verklaring en een kopie van de identiteitskaart. (vereisen)
- De bewoners hebben ___ aan extra parkeerplaatsen in de wijk. (gebrek hebben aan)
- De aanbieder dient de uitvoering van de opdracht naar de eisen van de bestekken ___. (beantwoorden aan)
- De nieuwe regels ___ dat elke aanbieder een eigen controlesysteem moet invoeren. (vereisen)
- De bewoners maken ___ op een volwaardige plek in het openbaar vervoer. (aanspraak maken op)
- De directie heeft de medewerkers gevraagd de nieuwe werkwijze zonder hulpmiddelen te ___. (beantwoorden aan)
- Het college heeft de bewoners om hulp ___. (vragen)
- De bewoners ___ een gezamenlijk standpunt over het ontwerp. (noden)
- De aanbesteding ___ de aanwezigheid van een ISO-certificering. (vereisen)
- De rekenkamer heeft in het rapport de regelgeving als onvolledig ___. (bevinden)
- De huurdersorganisatie heeft de woningcorporatie gedwongen tot herstel van de schade te ___. (verplichten)
- De staat secretaris ___ steeds meer zorg voor ouderen in de regio. (noden)