C1 · Verbs
Confessing and owning up
biechten, bekennen, schuld erkennen, uit de schulde kom.
- De verdachte ___ dat hij de meldingsplicht had genegeerd. (bekennen dat)
- De aangeklaagde is bereid zijn schuld voor de overschrijding te ___. (erkennen)
- Na de hoorzitting ___ de beschuldigde zijn fouten tegenover de commissie. (biechten)
- De directie heeft in het jaarverslag de fouten in de procedure ___. (bekennen)
- De ombudsman heeft de instelling gevraagd de klacht grondig te ___. (onderzoeken)
- De raad heeft de wethouder gevraagd ___ van de eerdere toezeggingen. (afwijken van)
- De onderzoekscommissie concludeert dat de dienst ___ van de zorgplicht heeft onkundig willen zijn. (zich onkundig verklaren aan)
- De aannemer heeft ___ dat de schade tijdens de storm was ontstaan. (bekennen dat)
- In de hoorzitting ___ de verdachte de beschuldiging van de corruptie. (weerleggen)
- De raad heeft de bewoners gevraagd zich achter het voorstel te ___. (scharen)
- De betrokken ambtenaar moest de onregelmatigheden in het dossier ___. (toegeven)
- Na de integriteitscommissie heeft de wethouder zijn fouten in het openbaar ___. (bekennen)