C1 · Verbs
Formal verbs in official Dutch
geschieden, behoeven, plegen, achten, strekken and other formal verbs.
- Betaling ___ binnen dertig dagen na factuurdatum. (geschieden)
- Dit punt ___ geen nadere toelichting. (behoeven)
- In zijn studententijd ___ hij elke ochtend een uur te wandelen. (plegen)
- Vorige week ___ de rechtbank bewezen dat de verdachte fraude had gepleegd. (achten)
- De vergunning is u per 1 mei ___. (verlenen)
- Op verzoek worden de gegevens kosteloos ___. (verstrekken)
- De zitting werd om tien uur ___. (schorsen)
- Het ___ mij tot genoegen u te mogen verwelkomen. (strekken)
- Jarenlang ___ hij zich aan zijn verplichtingen. (onttrekken)
- Het ___ aanbeveling de gebruiksaanwijzing vooraf te lezen. (verdienen)
- De kandidaat heeft zich aan een uitgebreide screening moeten ___. (onderwerpen)
- Het ___ hem nog aan de nodige ervaring, maar hij leert snel. (ontbreken)