Learn Dutch
C2 · Prepositions

Voorzien in en voorzien van

The trap between providing for and providing with.

  1. De regeling voorziet ___ een lagere eigen bijdrage voor mensen met een laag inkomen.
  2. Het gebouw is voorzien ___ een moderne brandbeveiliging.
  3. De stichting voorziet ___ de begeleiding van jongeren die uit de residentiele zorg komen.
  4. Het rapport voorziet niet ___ een sluitende conclusie.
  5. De nieuwe convenant voorziet ___ een evaluatie na drie jaar.
  6. De tekst van het verdrag is voorzien ___ een bijlage over de veiligheidscontroles.
  7. Het college voorziet ___ een oplossing voor het gebrekkige tracé.
  8. De vergaderzaal is voorzien ___ een moderne permanente installatie.
  9. De verordening voorziet ___ een vrijstelling voor kleine ondernemers.
  10. Het bestuur vindt dat het voorstel onvoldoende voorziet ___ de beveiliging van het gebouw.
  11. De noodverordening voorziet ___ de sluiting van alle gemeentelijke gebouwen.
  12. De dienst is voorzien ___ een gespecialiseerde klachtenafdeling.