Learn Dutch
C2 · Prepositions

Formal verbs with prepositions

Verb + preposition combinations from legal, political and written Dutch.

  1. Ze heeft hem ___ zijn verantwoordelijkheid gewezen.
  2. Het succes is vooral toe te schrijven ___ haar doorzettingsvermogen.
  3. De rechter wees de vordering af en veroordeelde de eiser ___ de proceskosten.
  4. De verdachte werd ___ alle aanklachten vrijgesproken.
  5. Hij heeft zich jarenlang ___ zijn verplichtingen onttrokken.
  6. Na lang protesteren heeft ze zich ___ de uitslag neergelegd.
  7. De oppositie dringt aan ___ een parlementaire enquête.
  8. Dit eerste seizoen smaakt ___ meer.
  9. Hij heeft zich uitstekend ___ zijn taak gekweten.
  10. De schade wordt ___ de veroorzaker verhaald.
  11. Zijn verklaring strookt niet ___ de feiten.
  12. Met haar klacht heeft ze zich ___ de ombudsman gewend.