C2 · Verbs
Zou for an unreal past
Zou + infinitive for a regret or an unreal situation in the past.
- Het zou beter zijn geweest als de raad eerder had ___. (horen)
- Ik zou liever bij de oude werkgever zijn ___. (blijven)
- Als ik het geweten had, zou ik het nooit ___ hebben. (doen)
- Hoe graag had ik het toch ___. (zeggen)
- Zou het ___ geweest als wij de vergadering hadden uitgesteld? (zijn)
- Het spijt mij dat ik u destijds niet had ___. (informeren)
- Zou u het ___ als de termijn nog een week was verlengd? (op prijs stellen)
- Hadden wij maar eerder een arts kunnen ___. (raadplegen)
- Hij deed alsof hij de moeilijkheid niet had ___. (beseffen)
- De directeur handelde alsof hem die taak niet was ___. (toevertrouwen)
- Het zou geen ramp zijn geweest als wij van tevoren had ___. (waarschuwen)
- Ik had veel liever een oude vriend ___. (opzoeken)