C2 · Verbs
Verbs with a -de or -te past
The weak past of verbs in -en with a stem in -d, -t or -tt.
- De woonlastcommissie ___ de nieuwe tarieven in de loop van het jaar. (regelen)
- De bewoners ___ hun zorgen bij de woonlastcommissie. (uiten)
- De secretaris ___ de stukken in het archief. (leggen)
- De bewindelijders ___ de productie wegens de storing stil. (leggen)
- De jongen ___ de oude boekenkast uit de weg. (duwen)
- De oude boer ___ het land in het voorjaar. (ploegen)
- In 2019 ___ de leden een nieuw bestuur. (kiezen)
- De bewoners ___ lang over de verandering van het tracé. (twijfelen)
- De dominee ___ de gemeente in 1890 een groot deel van de grond. (schenken)
- De redactie ___ het artikel in tweeën. (knippen)
- De bezoekers ___ langs de oude schuilstalletjes en keken naar binnen. (wandelen)
- De jury ___ de prijs toe aan de jonge schrijfster. (toekennen)