C2 · Verbs
Kennis nemen van
The fixed phrase kennis nemen van in every tense.
- De woonlastcommissie moet kennis ___ van de oude cijfers. (nemen)
- De raad nam kennis ___ van de oude klachten. (nemen)
- De belastingdienst heeft kennis ___ van de oude belastingvorderingen. (nemen)
- De commissie zal kennis ___ van de oude dossiers. (nemen)
- De oude brief vermeldt, dat de schout kennis ___ van de oude beschuldigingen. (nemen)
- De woonlastcommissie had kennis ___ van de oude tarieven. (nemen)
- De raad moet kennis ___ van de veranderingen in de oude reglementering. (nemen)
- Het college nam kennis ___ van de oude bezwaren. (nemen)
- De belastingplichtige moet kennis ___ van de oude aanslag. (nemen)
- De raadscommissie heeft kennis ___ van de feiten. (nemen)
- De oude akte vermeldt, dat de erfpachter kennis ___ van de voorwaarden. (nemen)
- De getuige moet kennis ___ van de nieuwe bepalingen. (nemen)